13 april 2026
Interview
Mijn insteek is de arbeid, Mattijs van den Bosch
Mattijs van den Bosch is in tegenstelling tot wat zijn naam doet vermoeden geboren in Marokko, het land waar hij zijn jeugd heeft doorgebracht. Als geoloog kwam zijn vader op verschillende plaatsen terecht, ook in Noorwegen waar hij zijn Zweedse vrouw ontmoette. De ouders van Mattijs vestigden zich vervolgens in het Noord-Afrikaanse land dat ze verlieten toen hij negen was om zich te vestigen in Nederland, met als nieuwe woonplaats Purmerend.
Dat moet wel een cultuurshock zijn geweest?
Jazeker, de herinnering aan Marokko is nooit verdwenen. Ik zie dat altijd terug in mijn werk, het licht is zoals aan het einde van de dag met een zekere slagschaduw. Mijn vader maakte in die tijd ook altijd foto’s en super 8 films van mijn jeugd daar. Toch ben ik pas nadat ik klaar was met de academie terug gegaan naar Marokko, en dat was een vervelende reis. Voor hen was ik een toerist en ik kon totaal niet doordringen tot het leven in het land. Ik zag vooral ook veel armoede, het deed pijn om zo terug te komen in het land waar ik zo lang van had gedroomd. Ik ging daarom wel naar andere landen, zoals Spanje of California, maar die streken waren een surrogaat voor wat ik zocht. Dankzij een goede vriendin overwoog ik om weer terug te gaan. Zij heeft daar een huis waar ik kon verblijven, en dat was precies het juiste moment voor mij.
Op wat voor manier was dat een goed moment?
In totaal ben ik wel zes keer teruggegaan naar Marokko en verbleef telkens in haar huis. Steeds iets langer, en ik begon ook meer de omgeving te verkennen. Ik ging rondreizen en foto’s maken, en dat had invloed op mijn werk. Ik voelde me er weer thuis en kreeg steeds meer aandacht voor de Marokkaanse architectuur en het dagelijkse straatbeeld. Daar ben ik nu zeven jaar mee bezig geweest.
Foto Esther van Rosmalen
En nu ben je hier in Zundert als Artist in Residence in een totaal andere omgeving. Wat trekt nu je aandacht?
Ik kwam hier nieuwsgierig naar wat Zundert mij kon bieden, maar ook wel met vrees. Daar heb ik me op voor weten te bereiden want ik geeft les op de Wakkers academie, en een van mijn studenten komt uit Zundert, wat mij een ideale ingang bood. Het grootste deel van haar familie woont nog steeds hier.
Wat ik hier wilde doen is weer teruggrijpen op mijn nog eerdere werk van nog voor mijn Marokkaanse invloeden; ik wilde mensen leren kennen en schilderen, zoals in mijn serie van werkende mensen. En als je in augustus komt, zoals ik, dan is er dus het bloemencorso waar iedereen in Zundert mee bezig is, maar ik wilde ook andere werkende mensen schilderen. Zoals een badmeester, dat wilde ik altijd al een keer doen, maar hoe benader je zo iemand zonder dat het raar is. Ik had het als idee geopperd via de familie en die hebben gelijk al iemand voor me gevraagd. Dat is Celinah, en die wilde wel poseren, dus dat was een fijne binnenkomer. Ze had ook eerder model gestaan, dus poseren was haar niet vreemd. Ik heb een aantal foto’s van haar gemaakt en die verder uitgewerkt in een schilderij. Normaal werk ik een paar weken aan een schilderij, maar hier zat er druk achter. En dat lukte dus ook.
En hoe speelde het Bloemencorso een rol?
Voor het corso ben ik gaan kennismaken met de mensen die in de enorm grote tijdelijke loodsen werken aan de wagens, en de bloemen steken. Daar mocht ik vrijelijk rondlopen en foto’s maken; ook van andere dingen zoals de man die loopt met kratjes bier op een steekkar, dat wordt iedere vrijdagmiddag gedronken. Ook hem heb ik geschilderd.
In eerste instantie was ik niet enthousiast over het Corso, maar het wekte toch wel mijn interesse. Maar misschien zou het beter zijn als opdracht om dat helemaal vast te leggen zoals dat vroeger werd gedaan door schilders of tekenaars. Zoiets zegt toch meer dan een foto, je kan daar ook meer verhaal in brengen, dingen combineren tot een goede compositie. Ik ben daarom ook mee geweest met het plukken en daar heel veel foto’s gemaakt en die gecombineerd bij het maken van een groot schilderij als piece de resistance. Een groot schilderij met als titel ‘Dahliapluk voor het corso, Buurtschap Markt, Zundert’.
Heb je meer van de omgeving gezien en de voetsporen van Vincent van Gogh gevolgd?
Ik heb geen tijd gehad om de omgeving te verkennen, ik heb alleen maar gewerkt. Het was een intensieve maand. Ik ben wel naar België gefietst, dat is maar tien minuten vanaf hier, dat is het enige wat ik van de omgeving – buiten het Zundertse dorp – heb gezien. Het is deze maand ook loeiwarm. Verder is het atelier perfect, een mooie werkruimte.
Heeft het verblijf hier je aangezet tot andere dingen?
Het werken met een model, dat beviel wel en ging heel makkelijk. Ik zou dat ook willen toepassen bij andere beroepen. Dat is wat ik voorheen deed, het schilderen van mensen aan het werk. Alleen het contact leggen, dat is iets dat lastig is. Nu ging hier dat via mijn Zunderts netwerk, maar dan nog is Celinah niet komen kijken bij de opening. Ze vroeg wel om een foto en die heb ik haar gestuurd.
Foto Esther van Rosmalen
En welke beroepen hebben je interesse?
Gebaseerd op de ervaring nu hier met de badmeester zou ik denken aan een sportvrouw. Zij had ook aan krachttraining gedaan en dat gaf een interessant beeld. Meestal schilderde ik mannen aan het werk, en die mannen lijken meestal op mij. Ik zie er niet uit als een kunstenaar, ik ben tamelijk gewoon om te zien net als die mannen.
En is er een overeenkomst met Vincent, want dat is toch ook waar deze Air over gaat?
Mijn insteek is de arbeid, mensen aan het werk bijvoorbeeld trammedewerkers in Amsterdam. Vincent zijn werk in Brabant gaat ook over arbeid, ander werk, maar het is ook een andere tijd. En dat is ook de reden dat ik zenuwachtig ben want ik leun in mijn werkwijze nu veel op wat ik vroeger deed. Zundert is nu ook kleurrijker dan vroeger. Kijk maar naar de Dahliavelden, en dat gaat ook over Vincent. Ik heb wel affiniteit met hem, altijd al gehad. Bijvoorbeeld op de Rijksacademie, daar ging ik veel buiten schilderen. Ik merkte toen al dat er wel denigrerend over hem werd gedaan. Dat was vanwege zijn dramatische leven. Terwijl ik zie dat er ook door anderen goed naar hem is gekeken, zoals Picasso en ook Gauguin. Ik houd ook van het werk van Gauguin.
Wat is de belangrijkste ontdekking die je hebt gedaan tijdens deze residency?
Het werken met modellen, maar ik het ook zin gekregen om Nederlandse onderwerpen aan de slag te gaan. Het heeft bij mij de boel wel weer opengebroken. Eigenlijk vreemd als Nederlander om zoveel over Marokko te schilderen. Ik ben geen Marokkaan, en zal dat ook nooit worden. Ik heb wel contact met Marokkanen in Marokko, maar niet met Marokkanen in Nederland. Het is lastig om door te dringen. Ik heb wel de taal geleerd, dat helpt, maar ze spreken vaak Nederlands en Frans. Ik zou in Marokko modellen kunnen aanspreken, maar foto’s maken gaat niet. Toch heb ik het gevoel dat mensen in Marokko opener zijn dan hier waar men zich meer terug trekt en isoleert. De afgelopen jaren zat ik in een luxepositie met mijn werk gebaseerd op mijn observaties van Marokko, nu krijg ik te maken met onderwerpen die verder van mij af liggen en dan is het de vraag of dat lukt. Ik vind van wel.
Esther van Rosmalen, augustus 2025
