Bij het naderen van Atelier de Moeren in Zundert zie ik een in zwart geschilderde houten schuur met dakpannen. Het is goed zoeken naar de ingang van deze monumentale schuur. Geen raam op ooghoogte, geen deur die open staat. Eenmaal binnen bevind ik mij in een creatief bolwerk. Een mix aan natuurlijke en synthetische materialen liggen verspreid op tafels en op de grond, met in het midden een spiraalvorm geknipt uit textiel liggend op een Perzisch tapijt. In de ruimte is geïmproviseerd voor het creëren van een ‘eigen’ slaapplek, linksachter in het atelier is een slaaptent verrezen. De zon begint te schijnen en de staldeur wordt geopend. De schuur vult zich met een frisse lentebries en ontwaakt.

Voor het jaarlijks terugkerende residentieproject BIJ/NA krijg ik de kans om de zes deelnemende kunstenaars Heba Bardan, Jitske Perdijk, Sam de Lange, Niek Opstals, Miekie Capello en Charly van der Eerden tijdens hun werkperiode in Atelier De Moeren te bezoeken. Deze bijzondere plek, onderdeel van het Vincent Van Gogh Huis, biedt kunstenaars de gelegenheid zich volledig in hun werk onder te dompelen in een omgeving die ook Van Gogh inspireerde. BIJ/NA is een samenwerking tussen Stedelijk Museum Breda, Vincent van Gogh Huis en St. Joost School of Art and Design. De zes kunstenaars kunnen vier weken vrij uit werken. De eerste twee weken in Zundert en de laatste twee in de StadsGalerij in Breda, de plek waar ook de eindpresentatie plaatsvindt. Dit artikel vormt een tweeluik met een beschouwing van de uiteindelijke tentoonstelling geschreven door Eva Michiels.

De werk- en leefruimte

De schuur dat dienstdoet als atelier bestaat uit één grote ruimte. In deze ruimte wordt gekookt, gewerkt en geslapen. De kunstenaars staan dan ook op met hun werk en gaan ermee naar bed, zo verdwijnt het dagelijkse leven langzaam naar de achtergrond. Jitske vertelt dat ze afgelopen nacht nog tot kwart over twaalf werkte aan haar keramische wandhangers. Ondanks dat de kunstenaars tijdens de residentie met z’n achten wonen en rekening met elkaar dienen te houden, biedt het de mogelijkheid om ook ’s nachts door te werken vrijheid. Ook zorgt het grote aantal vierkante meters in combinatie met de natuurlijke omgeving voor speelruimte en onbeperkt experimenteren. Het werk kan ’s avonds gestopt worden, om de volgende dag opnieuw op te pakken, of zelfs pas na een paar dagen. Dit aspect geeft voor onder meer Charly een gevoel van rust.

Jitske zit achter een met bouwlampen verlicht bureau te werken met grote hoeveelheden klei. Ze is druk in de weer met het maken van wandhangers met daarin kaarshouders in meerdere formaten en soorten. Door de afbaktijd werkt ze uren achter elkaar, zodat de objecten tijdens de presentatie afgebakken zijn. Jitske vertelt dat ze via multidisciplinaire installaties mensen wil laten vertragen en aan het denken zetten. Ze zoekt in haar werk altijd naar manieren om een fijne atmosfeer te creëren, onder meer door keramische onderdelen toe te passen. Op welke manier de wandhangers tijdens de eindpresentatie worden ingezet, is nog even afwachten, maar door de grote variatie verwacht ik een indrukwekkend geheel.

De natuur geeft inspiratie

Charly grijpt de residentie aan om zich verder te verdiepen in het leven met de vier seizoenen en te ontsnappen aan de Grind Culture waarin productiviteit en carrière een belangrijke rol spelen. Charly legt uit dat hen is begonnen met het plukken van paardenbloemen in het veld, om deze bloemen vervolgens te drogen en te draaien tot touw. Het lopen door de velden activeert een ander deel van diens brein. Doordat je heel gericht zoekt naar bloemen, zie je veel meer dan alleen een landschap. Charly las al veel over het verzamelen van natuur, specifiek bloemen, maar nu past hen die opgedane kennis voor het eerst praktisch toe en dat geeft hen veel energie.

Net als Charly gebruikt Heba de natuur om mee te experimenteren. Het atelier bevindt zich in natuurreservaat De Moeren, het toekomstige Van Gogh Nationaal Park; hier verzamelt Heba takken en bladeren. Tijdens een van haar wandelingen zag ze twee kalkoenen die, nu de lente begint, paringsdansen uitvoerden. Het voelt voor haar als een kunstvorm voor dieren. Heba kreeg het idee om een natuurkostuum te maken en dit te dragen tijdens een dansperformance die lijkt op een paringsdans. Ze ziet zichzelf al dansen in haar kostuum voor een hek van zelf geknoopte takken. Ook wil ze de bezoeker mee laten participeren in het kunstwerk, misschien door zelf geknoopte waaiers. Heba vertelt dit alles terwijl een zelfgemaakt kinetisch natuurkunstwerk vrolijk beweegt door de binnenkomende wind.

Ook voor Miekie is de omgeving rondom het atelier een belangrijke inspiratiebron. Ze ervaart de residentie als een plek die haar uit haar eigen wereld haalt en haar uitnodigt de buurt te verkennen. De kleinste dingen worden bijzonder. Auto’s die langs razen lijken op het geluid van vliegtuigen. De vogels in het bos laten de natuur overkomen als een levendige stad. Op een van de eerste avonden hoorden de kunstenaars buiten het atelier een hard remmend geluid. Miekie ging op pad en zag een autocrash in de bossen. Ze probeert deze en andere ervaringen te tekenen in keramiek. De geluiden tijdens wandelingen in het bos neemt ze op. Alle geluiden, zowel die van de natuur als die van de mens, wil ze tonen in de tentoonstelling, het liefst in combinatie met keramiek. Deze ideeën gaan zich nog verder uitkristalliseren tijdens de residentieperiode.

Natuur versus synthetisch en figuratief versus abstract

Niek maakt heel bewust gebruik van de twee verschillende locaties van de residentie. Hij is op zoek naar manieren om los te komen van een patroon waarin hij graag werkt: in vlakken. De natuur vertaalt Niek in het atelier eerst met synthetische materialen, zoals gebruikelijk in een compositie in hoekige vormen. Hij is druk in de weer met het bekleden van gips op kippendraad. Na de eerste wandelingen door het bos heeft hij bepaalde situaties abstract weten te vertalen, een eerste stap om het denken in vlakken los te laten. Straks in de StadsGalerij draait hij het proces om; in de stadse omgeving gaat hij op zoek naar natuur en wil hij zijn bevindingen uiten in organische vormen.

Naast beginnende projecten staat er ook een object in de ruimte die al eerder tot stand is gekomen. Sam heeft namelijk vanuit zijn atelier in Tilburg een figuratief werk meegenomen, gemaakt met allerlei producten die je in de bouwmarkt kunt vinden. Hij is tijdens de residentie zoekende naar de ideale werkvorm. Ondanks het meegenomen figuratieve werk weet hij in Zundert ruimte te vinden voor het opnieuw werken in abstracte vormen. PVC-buizen, gips en kippengaas vormen samen één geheel in een vorm dat het meeste lijkt op een hangende vlag aan de romp van een schip. Sam geeft aan dat zijn werk nooit als af voelt en het altijd in beweging blijft. Op ieder moment kan hij bedenken dat een werk aanpassingen nodig heeft. De vrijheid zit hem in de abstractie, wat mensen erin zien geeft betekenis. Hij vindt het fijn om weer abstract te werken en vanuit zijn gevoel vormen te creëren.

De samenwerking aangaan

Hoewel de kunstenaars op het moment van mijn bezoek nog de focus hebben op hun eigen werk, wordt er gebroed op een samenwerking. De wil om samen te werken groeit en er zijn al enkele aanknopingspunten besproken. Een aantal kunstenaars werken momenteel al op een bepaalde manier met geluid.  Ze zien dan ook een samenwerkingsproject voor zich met geluid in de hoofdrol. De geluidsopnames van Miekie, de synthesizer van Niek en een gerestaureerde cassetterecorder van Sam bieden een goed vertrekpunt. Het is inspirerend om te ervaren hoe de kunstenaars steeds meer aan elkaar wennen en op zoek zijn naar onderlinge verbindingen op persoonlijk vlak en uitwisselingen vanuit hun kunstenaarschap.

Tweeluik

Het atelier en de omgeving bieden ruimte voor het verder reiken en het uitproberen van al bestaande of nieuwe ideeën. De gezamenlijke werkruimte stimuleert de samenwerking en meerdere kunstenaars geven aan dat het continue samen zijn zorgt voor het uitwisselen van ervaringen. Na twee weken verplaatst de groep zich naar de Stadsgalerij in Breda. Deze locatie fungeert alleen als werkruimte. Hoe de verandering aan werkomgeving invloed gaat hebben op het al gecreëerde werk en het werk dat nog komt, is een ontluikend traject. De kunstenaars hebben nog geen eenduidig antwoord op wat de uitkomst gaat zijn. Het is afwachten of de ingezette werkprocessen en ideeën standhouden in de andere ruimte. Het zorgt hoe dan ook voor een zeer interessant speelveld voor de kunstenaars. Tijdens de terugrit naar huis denk ik aan onze gesprekken en hoe de projecten vorm beginnen te krijgen. De nieuwsgierigheid naar de tentoonstelling begint te groeien: welke kunstobjecten in de StadsGalerij zijn straks te herleiden naar Atelier De Moeren en welke vorm krijgt het gewenste gezamenlijke project?

Het resultaat van het residentieproject BIJ/NA is vanaf 18 april tot en met 26 april te bekijken in de StadsGalerij in Breda.

Utrecht 31 maart

Rebekka van den Berg is freelance kunsthistoricus en werkt als kunstbeheerder bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal.